Balkans-20-Dayton: Peace at a Price (Nederlands)
▶ Watch on StoryloVrede is niet simpelweg de afwezigheid van oorlog. Het is het begin van het moeilijke werk om weer samen te leren leven, tegen de herfst van 1995. Na bijna vier jaar oorlog waren de mensen in Bosnië uitgeput. De steden lagen in puin, duizenden huizen waren verwoest, miljoenen mensen waren ontheemd, meer dan 100.000 mensen hadden hun leven verloren, hele generaties waren getekend door geweld. Iedereen wilde hetzelfde: een einde aan de moordpartijen. De strijd was op een punt gekomen waarop geen enkele partij een beslissende overwinning kon behalen. De internationale druk nam toe. Na luchtbombardementen van de NAVO op Bosnisch-Servische militaire posities en vernieuwde aanvallen op de grond, werden leiders uit de regio samengebracht om een einde aan de oorlog te onderhandelen. Maar deze onderhandelingen zouden niet in Europa plaatsvinden. In plaats daarvan werden ze duizenden mijlen verderop gehouden, op een Amerikaanse luchtmachtbasis in Dayton, Ohio. De locatie was opzettelijk gekozen. Ver weg van de slagvelden, ver weg van politieke demonstraties, ver weg van de drukte thuis, zouden de leiders daar blijven totdat er een overeenkomst was bereikt. Rond de onderhandelingstafel zaten drie mannen wiens beslissingen de toekomst van de Balkan zouden bepalen. Alija Izetbegovic, die Bosnië en Herzegovina vertegenwoordigde, Slobodan Milosevic, die namens Servië en de Bosnisch-Servische leiding onderhandelde, en Franjo Tudjman, die Kroatië vertegenwoordigde. Vertegenwoordigers van de Verenigde Staten en verschillende Europese landen werkten onvermoeibaar om een overeenkomst te bewerkstelligen. De onderhandelingen waren gespannen, emotioneel. Soms leken ze op het punt van instorten. Maar uiteindelijk, na weken van besprekingen, werd er een deal bereikt. De Dayton-vredesovereenkomst werd in december 1995 ondertekend. De eerste en grootste prestatie was simpel. De oorlog eindigde. De wapens zwegen. Gezinnen leefden niet langer onder constante beschietingen. Kinderen konden opnieuw naar school, voor miljoenen mensen. Dat alleen al was onbetaalbaar. Maar vrede kwam met een moeilijk compromis. In plaats van te proberen om onmiddellijk één volledig verenigd systeem te creëren, accepteerde de overeenkomst de realiteit dat Bosnië diep verdeeld was door de oorlog. Het land zou internationaal erkend blijven als één soevereine staat. Intern zou het echter verdeeld worden in twee hoofdeentheden. De ene werd de Federatie Bosnië en Herzegovina, waar Bosniakken en veel Kroaten de meerderheid vormden. De andere werd Republika Srpska, waar de meeste Bosnisch-Serviërs woonden. Een klein district genaamd Bručko zou later een speciale status ontvangen, dat niet tot een enkele entiteit behoorde. Voor veel mensen die vanuit het buitenland keken, klonk dit verwarrend. Voor degenen die daar woonden, was het nog ingewikkelder. Stel je één land voor, met één internationale grens, één paspoort, één vlag, maar vele verschillende lagen van overheid. Sommige verantwoordelijkheden vielen onder de nationale regering. Andere behoorden tot de twee entiteiten. Weer andere vielen onder lokale kantons en gemeenten. Macht werd opzettelijk gedeeld. Het idee was simpel. Als geen enkele groep de anderen kon domineren, kon misschien een andere oorlog worden voorkomen. Bosnië voerde ook een van de meest ongebruikelijke systemen van nationale leiderschap ter wereld in. In plaats van één president te hebben, zou het land een drieledige presidium hebben. Één Bosniak, één Serviër, één Kroaat. Ze zouden samenwerken, en het voorzitterschap zou tussen hen rouleren. Het systeem was ontworpen om ervoor te zorgen dat elk van de drie belangrijkste bevolkingsgroepen van het land een stem had op het hoogste niveau van de overheid. Voor sommigen was het een symbool van evenwicht. Voor anderen weerspiegelde het hoe moeilijk het bleef om na de oorlog vertrouwen op te bouwen. Voor gewone mensen begon het leven langzaam terug te keren. Wegen werden heropgebouwd, scholen heropend, bedrijven begonne